IBM i 6.1 is de volgende stap richting een efficiënte bedrijfsvoering. i 6.1 is de nieuwste release van het geïntegreerde besturingssysteem dat klanten met AS/400-, iSeries-, System i- en nu Power Systems-servers al meer dan 20 jaar gebruiken. Hoewel IBM i blijft bijdragen aan de steun voor het uitvoeren van meerdere applicaties op een enkel systeem en de betrouwbaarheid, veiligheid en eenvoud die nodig zijn voor business-systemen, levert de nieuwste release verbeteringen voor ondernemingen en mid-market klanten, alsook voor IT-managers en systeembeheerders.
door Craig Johnson
Vanuit een strategische invalshoek, levert i 6.1 verbeteringen die nieuwe infrastructuurimplementaties van IT toelaten en tegelijkertijd de kosten en het energieverbruik verminderen, terwijl de zakelijke groei wordt ondersteund. IBM i 6.1 voegt ondersteuning toe aan het BladeCenter, levert baanbrekende prestaties met Storage Area Networks, ondersteunt PowerHA disk clustering, nieuwe virtualisatiemogelijkheden, verbeterde prestaties voor Java- en WebSphere-workloads en nieuwe opties voor encryptie. IBM i 6.1 draagt ook bij aan de productiviteit van IT-personeel met een nieuwe web-based management-tool, een nieuwe tool voor het analyseren van gegevens, de verbeteringen van de iSCSI gebaseerde integratie met System x-servers, ondersteuning voor TCP/IP-V6, BRMS-verbeteringen en aanvullende virtualisatiemogelijkheden.
Een nieuwe IT-infrastructuur
De gebruiker kan zijn IBM i-applicaties nu aan het werk zetten op de snelst groeiende server footprint in de industrie. Blades worden vandaag de dag gebruikt om servers te consolideren, server- en storage-management te vereenvoudigen, energiekosten te beperken en als ruimtebesparing in het datacentrum. IBM i wordt ondersteund door twee high performance POWER6 blade servers, de 2 core BladeCenter JS12 en de 4 core JS22. POWER-blades kunnen in gebruik worden genomen in BladeCenter H- of BladeCenter S-chassis. Het BladeCenter H-chassis ondersteunt tot 14 POWER of x86 processor based blades.
De BladeCenter S ondersteunt tot zes blades. De opslag van blade servers geïnstalleerd in de BladeCenter S wordt verzorgd door het installeren van maximaal twaalf schijven geïntegreerd in het chassis en de aansluiting van de DS3200 SAN. De DS3200, DS3400, DS4700, DS4800, of DS8000 SAN voorzien in storage resources voor het BladeCenter H-chassis. Een speciale editie is de IBM i Express voor BladeCenter S, die een combinatie vormt tussen het chassis met de bijbehorende componenten. Een POWER6 blade server met IBM i is beschikbaar in een aantrekkelijk en betaalbaar pakket.
De BladeCenter JS12- en JS22-servers zijn uitgerust met PowerVM Micro-Partitioning, dat ondersteuning biedt voor een combinatie van IBM i, AIX en Power Linux-partities op dezelfde blade. Met de toevoeging van x86-blades op Windows Server, Linux of VMware in hetzelfde chassis, kan de IBM BladeCenter-oplossing ondersteuning bieden aan de consolidatie van een kleine of middelgrote IT-infrastructuur op een centrale locatie of een aftakking daarvan.
 Kijken en doen
Veel klanten implementeren Storage Area Networks voor consolidatie, het virtualizeren en managen van de opslag en het beheer van hun middelen. Hoewel IBM i SANs voor een aantal jaren heeft ondersteund, blijken de prestaties met geïntegreerde disk drives doorgaans beter. Nu niet meer. IBM i 6.1 met POWER6 processor gebaseerde servers ondersteunen een nieuwe fiber channel adapter die aanzienlijk verbeterde prestaties met DS8000 Storage Area Networks kan leveren. De prestaties van i-toepassingen in deze SAN-configuratie is vergelijkbaar met de uitstekende prestaties die klanten hebben ervaren met geïntegreerde stations. De nieuwe fiber channel adapter en de firmware hebben voordeel van bestaande DS8000-functies om command traffic te optimaliseren en zoektijd op disk sector header information te verminderen door de data te consolideren. Deze nieuwe Smart I / O-adapter biedt ook een rendement over een 4 tot 1 vermindering van het aantal IO-slots die nodig zijn voor de ondersteuning van een bepaalde configuratie.
High availability
Vanuit een IT-perspectief heeft de
continuïteit van de bedrijfsvoering alles te maken met de beschikbaarheid en beveiliging van uw core-business-applicaties en gegevens. De behoefte om kritische toepassingen onophoudelijk in productie te houden, de noodzaak om gegevens terug te kunnen halen en gegevens van zowel interne als externe entiteiten te beveiligen, zijn gestegen naar de top van de IT-vereistenlijst. IBM i 6.1 biedt platformveerkracht en databeschermingstechnologieën waardoor informatie en systemen highly available kunnen zijn. IBM i 6.1 biedt state of the art beschikbaarheids- en betrouwbaarheidsvermogens. Met de invoering van PowerHA voor i en iCluster voor i, biedt IBM nu een volledige reeks van high availability-producten voor vrijwel elk klantscenario. Deze oplossingen maken het mogelijk voor twee systemen om synchrone datakopieën gemakkelijk te kunnen switchen tussen primaire en secundaire systemen in een cluster. PowerHA is een disk-clusteringoplossing dat zowel SAN-gebaseerde opslag integreert als ondersteunt. Cross-Site Mirroring (XSM)- functies kunnen worden ingezet via geographic mirroring (Geo Mirror), de i native replicatietechnologie, of Metro Mirror and Global Mirror, de IBM DS8000 hardwarereplicatietechnologie.
Geo and Metro Mirror laten twee systemen toe om synchrone kopieën van onafhankelijke storage pools (IASP) data te hebben, zodat het gebruikersgemak om te switchen tussen primaire en secundaire systemen in een cluster toeneemt. Global Mirror laat het asynchrone weerspiegelen voor de verrichtingen van de disaster recovery toe. Voor cliënten die logical replication (software-based) oplossingen van IBM wensen, is IBM iCluster een andere optie. Logical replication is de traditionele manier waarop i-gebruikers multiple system data recoverability bereiken en iCluster is een van die traditionele oplossingen.
Nieuwe virtualisatieopties
IBM PowerVM biedt virtualisatietechnologie die het mogelijk maakt meerdere images van i, AIX of Linux-besturingssystemen te draaien op hetzelfde Power processor-based systeem met resources die automatisch tussen partities balanceren. De PowerVM hypervisor zorgt ervoor dat elke besturingssysteempartitie - hetzij i, AIX of Linux - volledig onafhankelijk en veilig is. Er kunnen maximaal tien micropartities per processor worden gedefinieerd, met dynamische of automatische balancering van de processorresources tussen de micropartities. PowerVM steunt ook de resourcevirtualisatie van geheugen en I/O om het aanwenden van assets te verbeteren de de systeemkosten te verlagen. Bedrijven die met i werken hebben in het afgelopen decennium hun zakelijke bedrijfsapplicaties routinematig ingezet om hun IT-operaties te optimaliseren.
Sinds een aantal jaren heeft IBM i haar geavanceerde opslag-managementmogelijkheden uitgebreid naar andere operationele omgevingen door als host op te treden voor storage van AIX en Linux-partities of System x en BladeCenter servers met Windows, Linux en VMware. Deze virtualisatieoplossing heeft klanten in staat gesteld de kosten voor opslagmiddelen en centraal opslagbeheer te drukken en back-ups van verschillende omgevingen te consolideren. Nu met i 6.1 op POWER6 processor-gebaseerde servers, is deze ondersteuning uitgebreid, zodat IBM i 6.1 onderdak kan bieden aan een andere IBM i 6.1 partitie als een klantpartitie zonder aparte adapters aan te hoeven schaffen. Dit biedt een snelle en eenvoudige methode om testpartities te creëren, het consolideren van servers, of nieuwe toepassingen te evalueren.
PowerVMbiedt een andere virtualisatie mogelijkheid voor I/O-resources met Virtual I/O Server (VIOS). VIOS is een applicatie partitie die opslag-en netwerkresources kan bieden aan AIX, i, en Linux-client partities. VIOS gaat gepaard met het vermogen om een DS3400, DS4700, DS4800, DS8000 of SAN als opslag voor het hosten van deze clientpartities te koppelen. VIOS wordt gebruikt om IBM i te voorzien van I/O-resources in BladeCenter-configuraties.
Betere performance
IBM i levert beduidend betere prestaties
voor Java en WebSphere-applicaties.
In de tests van IBM, leverde i 6.1 68% tot 78% meer transacties per seconde dan op dezelfde POWER5 gebaseerde server dan I 5.4. IBM i 6.1 vormt de basis voor klanten om toepassingen op het web te implementeren, met gebruikmaking van geavanceerde technologieën, zoals SOA-en webservices. IBM i 6.1 ondersteunt ook dezelfde 32-bits en een 64-bit Java virtuele machines die draaien op AIX en Linux operating systemen met prachtige applicatieportabiliteit voor
softwareontwikkelaars.
 Systems Director
IBM i 6.1 bevat een nieuw web-based management tool: Systems Director Navigator for i. Deze tool biedt een systeembeheerder toegang tot meer dan 300 beheerstaken via een browser. Dit nieuwe instrument is een strategisch management-tool voor een enkele IBM i-omgeving, ter vervanging van de Windows-iSeries Navigator. Het nieuwe instrument biedt toegang uit een verscheidenheid van clients en vereist niet langer dat managementsoftware dient te worden geïnstalleerd op Windows-desktops.
Toegang tot de nieuwe Navigator is zo simpel als het invoeren van de naam of het IP-adres gevolgd door port 2001 in een browser.
Het maakt gebruik van de HTTP-administratieserver om verbinding te maken met het systeem en de nieuwe ingebouwde
web-applicatieserver om de webinterface te dienen. Eén van de nieuwe beschikbare tools in Navigator is de Performance Data Investigator. Dit web-based hulpmiddel gebruikt de gegevens van de verzamelservices om prestatie-informatie in grafieken en lijsten weer te geven. De interface ondersteunt
het inzoomen op specifieke punten van de data en het heen en weer bewegen over een punt op de tekening om meer details
te verkrijgen.
Waar Systems Director Navigator for i voorziet in het beheer van een enkel systeem of partitie, kan IBM Systems Director 6.1 het beheer van meerdere heterogene systemen aan. Deze aanvullende tools zijn gebaseerd op dezelfde technologie, hebben dezelfde ‘look & feel’, en beheren beiden IBM
i-omgevingen.
Systems Director 6.1 draait op een AIX-, Linux-, of Windows-server en kan i 5.4 en 6.1 als ook Windows, Linux, en AIX –omgevingen aan dankzij agent technologies. Terwijl Systems Director 6.1 dezelfde 300 taken als Navigator ondersteunt, voorziet het in meer managementcapaciteiten als health check, topology views en updatemogelijkheden.
Integratie
IBM i biedt integratie met System x en BladeCenter-servers via iSCSI. Internet Small Computer System Interface (iSCSI) is een industriële standaard voor het aansluiten van een server op een Storage Area Network (SAN). Met deze ondersteuning biedt IBM i opslagmiddelen voor de bijgevoegde VMware, Windows en Linux-servers. IBM i 6.1 ondersteunt nu ook VMware VMotion waarmee het migreren van een virtuele machine van de ene System x of blade-server naar de andere mogelijk is. IBM i 6.1 is verbeterd, zodat de VMware-servers gedeelde toegang hebben tot dezelfde netwerkserver opslagruimte. IBM i 6.1 ondersteunt ook Windows Server 2008, SUSE LINUX Enterprise Server 10 en Red Hat Enterprise Linux 5 op System x of blade. Het beheer van opslagfaciliteiten is ook uitgebreid met ondersteuning voor storage space snap shots en file level back-up support voor Linux-servers.
IBM i 6.1 introduceert een nieuwe built-in web-applicatieserver. IBM i maakt gebruik van deze geïntegreerde web-applicatieserver voor de System Director Navigator voor i en IBM DB2 Web Query.
Deze webapplicatieserver kan worden gebruikt door zowel klanten als software-providers. De geïntegreerde webapplicatieserver draait in de IBM-technologie voor Java (32-bit) JVM, ondersteunt Java Toolbox en Native DB drivers en was oorspronkelijk ontworpen als een webcontainer voor ‘simpele’ applicaties.
Drastische uitbreiding
TCP/IP versie 6, ook aangeduid als IPv6, is een uitbreiding van de IPv4-adressering die wordt gebruikt in het grootste deel van het internet en de intranetten van vandaag. IPv6 is een drastische uitbreiding van het bestaande IPv4-model door van 32 bits naar 128 bits te gaan, om aan de huidige vraag, de bredere toekomstige groei en de uiteindelijke vervanging te voldoen als zijnde de norm voor het internet. IBM i heeft de certificeringstesten voor configuratie en implementatie van IPv6 op i 6.1 voltooid. Met deze nieuwe support kan IBM i steun bieden aan geavanceerde netwerkinfrastructuren en web-implementaties.
Voor die gebruikers die een high availability gebaseerde oplossing implementeren, kan BRMS, samen met de steun van FlashCopy voor SANs, worden gebruikt om een volledige kopie van IBM i en de daarbij behorende data op te slaan vanaf een gespiegelde kopie van de disks die zijn geconfigureerd als een onafhankelijke diskpool. Om de meest actuele gegevens gekopieerd naar het back-upsysteem te krijgen kan er een nieuwe quiesce functie worden gebruikt om de huidige pagina’s uit het geheugen op schijf op te slaan voorafgaand aan het uitvoeren van de FlashCopy tool op de SAN. De quiesce functie vervangt de noodzaak om te variëren op de onafhankelijke diskpool of om de gehele partitie uit te schakelen voorafgaand aan de FlashCopy. BRMS is ook verbeterd om encryptie van IBM i back-ups te ondersteunen. De beheersinterface voor BRMS wordt nu verstrekt door het web-based System Director Navigator voor i.
Met verbeteringen in de prestaties van Java, SAN-prestaties, ondersteuning voor disk clustering, ondersteuning voor BladeCenter, nieuwe encryptie-opties, en het beheer via Systems Director, heeft i 6.1 voor vrijwel iedereen iets te bieden.
|